Archief | Taal RSS feed for this section

Deel xxx in de reeks ‘grappige kinderpraat’

6 Jun

Marie en Kamiel zitten bij papa in de auto en zien een platgereden duif op straat liggen.

Kamiel roept: “Kijk, een platte dode vogel!”

Waarop Marie antwoordt: “Da’s een dieetvogel!”

 

 

Spreekbeurt

1 Jun

Marie moet binnen een paar weken haar eerste spreekbeurt geven! Spannend!!!

Gisteren moest ze een thema zoeken. Alles passeerde de revue: Justin Bieber (yuk), dansen, TV, dieren, … Maar ze vond niet echt iets wat haar interesseerde. “Het mag ook een land zijn, mama”, zei ze ineens. En ik werd ineens teruggesmeten naar mijn lagere schooltijd, toen ik ijverig de Artis Historia-punten verzamelde en die dan inruilde voor grote boeken waar je prenten mocht inplakken. Eén van die boeken ging over Australië, met prachtige foto’s van landschappen, natuur en dieren. En ik herinner me dat ik Australië koos als thema voor één van mijn eerste spreekbeurten. Fier als een gieter toonde ik de prenten in het boek en vertelde over de dingo’s, kangoeroe’s, wombats, …

“Mag ik dan over Mallorca spreken?”, vroeg ze. Natuurlijk mag ze dat! En mama zal haar daar heel graag bij helpen. We hebben al een aantal boeken over ons favoriete vakantieland, dus foto’s genoeg om te tonen. En het internet – die o zo leuke tool waar wij in de verste verte nog niet van hadden gehoord in de jaren ’80 – zal ons ook wel de nodige informatie kunnen verschaffen.

Ik kijk er al naar uit om samen met haar een fantastische spreekbeurt voor te bereiden! En ze gaat dat goed doen, die spreekvaardige dochter van ons.

Vocabulaire

8 Jun

Ik heb in het verleden al eens een paar keer een postje gepubliceerd over Kamiels groeiende vocabulaire. Nu, de laatste weken gaat zijn woordenschat er echt met rasse schreden op vooruit. Hij herhaalt nu alles wat wij zeggen en is inventief genoeg om zelf ook zinnetjes te maken en ons vanalles te vertellen.

Gisteren zaten we in de auto en we reden naar Halen (waar mama wilde gaan start-to-runnen maar de piste was gesloten) en plots zei hij: ‘Kamiel ook lopen op piste’. Hij had ons de hele namiddag horen praten over de piste, wist niet wat het was en toch wist zijn kleine breintje dat het iets met lopen te maken had.

Nog enkele grappige uitspraken:

‘Kamiel dikke boer gedaan’

‘Stoute zus, nie flink’

‘Kamiel flink zijn’ (toen hij iets niet wou doen en dan toch berouw kreeg)

‘Tante Bieneke spelen’

‘Bingo’ (Ringo, het nieuwe veulentje bij tante Bien)

‘Kamiel machine zitten, nie bang’ (nadat hij bij Ake in het grote machine had mogen zitten)

‘Kamiel ook sjool fpele’ (Kamiel ook naar school om te spelen)

‘Mama, mama-papa bedje? Effekes?’ (toen hij zaterdagmorgen wakker werd)

‘Wiefe mama’ (geen uitleg nodig zeker?)

‘Bang, meneer, vies jezicht’ (toen Marie naar Lazytown keek)

‘Papa werke? Beelen Beemeewee?’ (Beelen BMW – ferme reclame vind ik zo)

‘Nie kaka doen potje, pamper aan’

En zo tettert hij de ganse dag door. Hij is zeker een waardige opvolger voor zijn zus, die ons op die leeftijd ook al de oren van het hoofd babbelde.

Speak and you will be heard

5 Mrt

Een paar uitspraken van Kamiel die ik jullie niet wilde onthouden …

Ake zegt nog al vaak: ‘wit verke’ (vertaling: wit varken). En dan zegt Kamiel: ‘nie perke ake’.

Nonkel Luc zegt soms: ‘gij zijt een tuttermenneke’ (omdat hij zijn nijn en tut adoreert). Kamiel zegt dan: ‘nie menneke kuk’.

’s Morgens steevast: ‘nie aankede, fes dinde’ (vertaling: niet aankleden, fles drinken). Tja, ik ontbijt ook liever eerst maar in de weekdagen-ochtenroutine gaat dat niet.

Elke morgen: ‘poeke daag? bien? poeke mama’ (moeke vandaag? bien? moeke he mama). Hij gaat dolgraag naar tante Bien hoor maar ik denk dat er daar iets meer moet geluisterd worden dan bij moeke …

Als we aan tafel zitten: ‘mama ete, papa ete, zjus ete, miel ete’.

Onlangs liet hij een boertje. Ik vroeg hem: ‘wat moet je dan zeggen?’. Hij zo heel serieus: ‘danku’. Na een paar keer proberen kwam er dan toch ‘pandom’ uit.

In de auto worden alle voorbijrijdende wagens benoemd. De camions zijn zijn favoriet: ‘monne of momom’. ‘Joote (grote) momom, keine momom, toute (stoute) momom’.

En toen ik hem maandagnamiddag ging halen bij tante Bien, reden we aan de kerk voorbij. Ineens riep hij: ‘mama zjus hale!’. We waren immers voorbijgereden aan het straatje van de buitenschoolse opvang en dat had hij gemerkt. Ik vertel hem dat zusje al thuis was en dat ze ziek was, dat ze moest overgeven waarop hij antwoordde: ‘ oeijoei! zjus ziek, zjus ovegeve, oeijoeijoei, buikpijn’. Hij had het begrepen.

Tijd voor taal

12 Feb

Klein venteke doet heel goed zijn best om verstaanbaar te zijn. Klein venteke denkt ook dat hij perfect verstaanbaar is – dat zie je aan de vragende blik op zijn gezicht als hij een hele uitleg heeft gedaan waar kop noch staart aan vast te knopen is.

Een paar voorbeelden:

  • Poeke – moeke
  • Meetje – meter (eerst zei hij nog mete)
  • Paadjeuhs – paardjes
  • Fes dienda – fles drinken (we leren hem geen Marokkaans hoor)
  • Nie keekes aandoen – tja … niet kleertjes aandoen
  • Koe – hahaaaaa gefopt! Koe is niet koe maar schoen
  • Zzzjaas – jas
  • Aap – nog altijd schaap
  • Pee kijke – TV kijken
  • Mika kijke – Amika kijken (die paardjes weer he)
  • Mamapapabed – mama/papa bed
  • Ieja – Marie
  • Ieja na kool – Marie naar school
  • Dada – Kamiel
  • Jaja – snoepje
  • Neisje – hou u vast: mayonaise …
  • Mom – camion
  • Taktor
  • Mooi
  • Bewwe – Berre (als hij een (geleend) bloesje aanheeft van Berre wordt dit meerdere malen per dag gezegd: Boes mooi – Bewwe)
  • Cola
  • Boke
  • Plopje – is zowel Plop als Plop choco
  • Veesje – vleesje
  • Lepe – lepel
  • Vok – vork
  • Bus
  • Ziek – muziek

Er zijn nog veel meer leuke woordjes natuurlijk. Soms probeert hij ook vanalles te herhalen wat Marie zegt. Ofwel zegt hij constant ja als wij iets aan ’t vertellen zijn. Kwestie van hem niet te vergeten he …

Mijn

18 Nov

‘Mijn’

‘Mijn mijn’

‘Miiiijjjjjn’

Hij heeft weer bijgeleerd, onze flinkerd. De ganse dag door gaat het van: ‘mijn tut’, ‘mijn paat’, ‘mijn mama’, ‘mijn zjas (jas)’.

Hij gebruikt ‘mijn’ ook om zich te verdedigen in zijn dagelijkse strijd met zijn grote zus. Telkens Marie iets van hem afpakt, roept hij heel hard ‘mijn’ en dan weten de toesnellende mama of papa al dat ze Marie tot de orde moeten roepen.

Naast ‘neen’, gaat die ‘mijn’ dus de eerstkomende weken heel veel gebruikt worden. Tot hij weer iets anders leert. Hopelijk iets in de aard van ‘mooi’ of ‘braaf’.

Taal- en rekenkunde

14 Okt

Zowel Kamiel als Marie hebben dit weekend een paar sprongen gemaakt (en niet van de sofa naar de salontafel of van de trampoline op het gras).

Kamiel breidde zijn vocabulaire uit met de volgende woorden:

– paaaat (paard)

– taaaaat (taart)

– bad

– nene (nijntje zijn knuffelkonijntje)

– au (auke, kindje bij de onthaalmoeder)

– tuu (tuur, kindje bij de onthaalmoeder)

– lola (lola, kindje bij de onthaalmoeder – zien jullie hier al een patroontje of niet?)

– dud (nonkel luc … van de onthaalmoeder – hoe dat ge het weet)

– woh (worm – zijn lichtgevend wormpje dat in zijn bedje ligt)

Marie van haar kant concentreerde zich meer op het rekenen en na een paar oefeningen beheerst ze nu ook het principe van het splitsen. Aangezien het eerste leerjaar voor mij al 29 jaar in het verleden ligt, kan ik me niet meer herinneren of wij die methode ook ooit geleerd hebben (en ik moet toevoegen dat rekenen nu eenmaal niet mijn beste kwaliteit is dus is het niet verwonderlijk dat mijn hersenen dit soort informatie geblocked hebben). Maar ze moest dus de cijfers 3, 4 en 5 splitsen in 2 delen. Volgens haar juf had Marie de oefening niet begrepen – dat stond er als commentaar in haar rekenboek. Ik ben een bezorgde mama en ik schreef onmiddellijk die oefening over op een blaadje en liet haar die opnieuw maken: ze moest er soms wel bij nadenken maar maakte geen fouten. Vriendelijk briefje naar de juf dat we extra geoefend hadden en dat het blijkbaar niet zo’n probleem was …

Gisterenavond moest Marie dan een taak maken over die splitsingen en wat bleek: Marc had veel moeite om haar te volgen, zo snel en foutloos splitste ze de 3, 4 en 5! Hopelijk heeft ze op dat gebied iets meer van Marc’s genen geërfd en wordt ze geen wiskunde-neuroot zoals ik. Juffrouw Mees in het vierde leerjaar heeft ervoor gezorgd dat ik tot op heden nog altijd niet de logica achter een vraagstuk begrijp. En van die afgeleiden en die bewijzen in het secundair onderwijs herinner ik me alleen dat we veel moesten schrijven en op het allerlaatste blad een of andere kronkel moesten tekenen … ik leerde dat allemaal vanbuiten en wist op het examen begot niet hoe ik eraan moest beginnen.

Op taalvlak is Marie iets ‘meer onder haar uit’ (voor de niet-Limburgse lezers: ze is iets beter in taal). Al durft ze soms wel eens enige onkunde veinzen … Waar ze bvb dinsdag vlotjes een pagina leest in haar taalboek, hakkelt en stottert ze zich erdoor op woensdag wanneer meter naast haar zit. Kwestie van aandacht te krijgen he! Maar algemeen gesproken leest ze vlot (soms nog met hakken en plakken en deftige handbewegingen) en schrijft ze flink. Al heeft ze bij dat laatste precies iets teveel genen van de papa geërfd … Het kan nog veranderen maar op dit moment is schoonschrift niet aan de orde! En al wie Marc kent, weet ook hoe hij kan kribbelen!

Voor Kamiel is rekenen nog bijzaak, ik verwacht niet dat mijn bijna 19-maandertje kan tellen tot tien. Hij maakt op een andere manier wel duidelijk dat hij niet 1 maar 2 of 3 snoepjes wil …